ECLI:NL:RBDHA:2023:13845
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De staatssecretaris heeft niet binnen de wettelijke termijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, besloten. Eiseres stelde de staatssecretaris rechtsgeldig in gebreke en diende tijdig beroep in.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat de beslistermijn is overschreden zonder dat een besluit is genomen. Gelet op de bijzondere omstandigheden bij aanvragen om gezinshereniging bij asielvergunninghouders, legt de rechtbank een termijn van twintig weken op waarbinnen alsnog een besluit moet worden genomen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd voor het geval de termijn wordt overschreden.
Daarnaast wordt vastgesteld dat de staatssecretaris reeds bestuurlijke dwangsommen van €1.442 heeft verbeurd en wordt hij veroordeeld tot betaling van deze dwangsommen en de proceskosten van eiseres ad €418,50. De rechtbank wijst het verzoek om griffierechtvrijstelling toe en vernietigt het niet tijdig genomen besluit.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het niet tijdig genomen besluit en legt een termijn van twintig weken op waarbinnen alsnog een besluit moet worden genomen, met een dwangsom bij overschrijding.