ECLI:NL:RBDHA:2023:13988
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens reeds genomen beslissing op beroep
De verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Oostenrijk verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld op 1 augustus 2023, waarbij verzoeker niet is verschenen en verweerder zich heeft laten vertegenwoordigen. Op dezelfde dag is in een andere zaak (NL23.20496) uitspraak gedaan op het beroep van verzoeker.
Gezien de uitspraak op het beroep is een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk. De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat reeds op het beroep is beslist.