ECLI:NL:RBDHA:2023:14430
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen toegangsweigering aan de grens
Verzoekster, van Ecuadoraanse nationaliteit, heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van de Koninklijke Marechaussee om haar de toegang aan de grens te weigeren op 24 september 2023. Zij wilde naar Spanje reizen om haar echtgenoot te bezoeken en beschikte over een visum en een retourticket.
De staatssecretaris stelde dat verzoekster onvoldoende bewijs had geleverd van het doel en de omstandigheden van haar verblijf en dat zij niet over voldoende bestaansmiddelen beschikte. Verzoekster kon haar verblijf in Spanje niet concreet onderbouwen, haar echtgenoot was niet bereikbaar ter bevestiging en zij beschikte slechts over €185 contant geld.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster niet voldeed aan de voorwaarden van artikel 6 van Pro de Schengengrenscode en dat de toegangsweigering terecht was. Ook de aangevoerde schendingen van het EVRM en het Handvest waren onvoldoende onderbouwd. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de toegangsweigering is afgewezen.