ECLI:NL:RBDHA:2023:14454
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen niet tijdig besluit mvv-nareis en oplegging dwangsom
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis voor haar en haar minderjarige kinderen. De aanvraag is ingediend op 22 juni 2023, waarna de staatssecretaris de beslistermijn met drie maanden heeft verlengd, waardoor uiterlijk op 20 december 2023 een besluit had moeten worden genomen. Deze termijn is verstreken zonder besluit.
De rechtbank stelt vast dat het beroep ontvankelijk is en gegrond, omdat de staatssecretaris niet tijdig heeft beslist. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt het niet tijdig beslissen gelijkgesteld aan een besluit. De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen alsnog een besluit moet worden genomen, met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding, maximaal €7.500.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de staatssecretaris in de proceskosten van eiseres, bestaande uit het griffierecht en een bedrag voor rechtsbijstand. De rechtbank motiveert de langere beslistermijn vanwege de bijzondere omstandigheden bij aanvragen om gezinshereniging bij houders van een asielvergunning, verwijzend naar eerdere jurisprudentie.
De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, stelt een termijn van acht weken voor het alsnog nemen van een besluit en legt een dwangsom op.