ECLI:NL:RBDHA:2023:14553
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf
Eiseres diende op 16 april 2023 een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid besloot niet binnen de wettelijk gestelde termijn van 90 dagen, waardoor eiseres op 24 juli 2023 een ingebrekestelling stuurde. Na het verstrijken van de termijn stelde eiseres op 9 augustus 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris de beslissing uiterlijk op 17 juli 2023 had moeten nemen, maar dit niet heeft gedaan. Omdat geen nieuw besluit is genomen, beveelt de rechtbank dat binnen acht weken na verzending van de uitspraak alsnog een besluit wordt genomen. Tevens legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500 voor elke dag dat de beslissing uitblijft.
De rechtbank stelt de reeds opgelopen dwangsom vast op €1.442 voor de periode van 10 augustus tot en met 20 september 2023. Daarnaast krijgt eiseres het betaalde griffierecht van €184 vergoed. Het beroep wordt kennelijk gegrond verklaard en het niet tijdig beslissen vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de staatssecretaris wordt opgedragen binnen acht weken alsnog te beslissen onder oplegging van een dwangsom.