ECLI:NL:RBDHA:2023:14665
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdig beslissen op inzageverzoek Wjsg
Eisers hebben op 30 april 2022 een verzoek ingediend om inzage in hun persoonsgegevens op grond van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg). Verweerder, het College van procureurs-generaal, heeft niet binnen de wettelijke beslistermijn van acht weken besloten. Eisers stelden verweerder op 16 en 20 juni 2022 in gebreke, nog voordat de beslistermijn was verstreken.
Eisers stelden vervolgens beroep in wegens het niet tijdig beslissen. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling prematuur was omdat deze plaatsvond voordat de beslistermijn was verstreken. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk en kan de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordelen.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Deze uitspraak is gedaan zonder zitting op 21 juli 2023 door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het inzageverzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een prematuur ingediende ingebrekestelling.