ECLI:NL:RBDHA:2023:14766
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielprocedure wegens Dublinverantwoordelijkheid Duitsland
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag op grond van het Dublinverdrag. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het beroep in de bodemzaak reeds ongegrond verklaard en ziet daarom geen reden om een voorlopige voorziening toe te kennen. De rechter oordeelt dat het bestreden besluit rechtmatig is en dat de verantwoordelijkheid voor de asielaanvraag bij Duitsland ligt.
Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt afgewezen.