Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker stelde op 15 augustus 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 19 maart 2019. De staatssecretaris heeft vervolgens op 6 september 2023 de asielaanvraag ingewilligd. Hierdoor heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat verweerder geheel aan het beroep tegemoet is gekomen door alsnog het besluit te nemen. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechtbank in dat geval de proceskosten aan verweerder opleggen. De rechtbank stelt de proceskosten vast op €418,50, gebaseerd op een puntensysteem met een wegingsfactor 'licht', passend bij het beroep tegen het niet tijdig beslissen.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en bevestigt dat de staatssecretaris moet instaan voor de proceskosten die verzoeker heeft gemaakt vanwege de vertraging in de besluitvorming over de asielaanvraag.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.