ECLI:NL:RBDHA:2023:1516

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
7 februari 2023
Publicatiedatum
13 februari 2023
Zaaknummer
NL22.25199
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkheid asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Frankrijk

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 8 december 2022 waarbij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de asielaanvraag niet in behandeling nam, omdat Frankrijk verantwoordelijk werd geacht voor de behandeling van de aanvraag. Verzoeker vroeg tevens om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met drie andere zaken op 2 februari 2023. Verzoeker was aanwezig met gemachtigde en tolk, de staatssecretaris werd vertegenwoordigd door een gemachtigde.

De rechtbank verklaarde het hoofdberoep in een gerelateerde zaak ongegrond en wees op die grond het verzoek om voorlopige voorziening af. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter K.M. de Jager en griffier E.C. Jacobs en is geanonimiseerd gepubliceerd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL22.25199

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[Naam], verzoeker

V-nummer: [Nummer]
(gemachtigde: mr. J.J. Bronsveld),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. H.J. Metselaar).

Procesverloop

Bij besluit van 8 december 2022 heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft tegen het besluit van 8 december 2022 beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaken NL22.25198, NL22.25200 en NL22.25201, op 2 februari 2023 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen K. Soltani. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL22.25198, heeft de rechtbank het beroep waarop deze voorlopige voorziening betrekking heeft ongegrond verklaard. Om die reden zal het verzoek om een voorlopige voorziening als ongegrond worden afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. E.C. Jacobs, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.