ECLI:NL:RBDHA:2023:15176

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
18 april 2023
Publicatiedatum
9 oktober 2023
Zaaknummer
NL23.1423
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 8:57 AwbWBV 2022/22
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij asielaanvraag

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen gevraagd of een zitting wenselijk was, maar omdat geen van beiden hierom verzocht, werd het onderzoek gesloten zonder zitting.

De rechtbank overweegt dat een betrokkene eerst een ingebrekestelling moet sturen aan het bestuursorgaan om binnen twee weken alsnog te beslissen, alvorens beroep kan worden ingesteld. De beslistermijn voor asielaanvragen is verlengd met negen maanden op grond van het besluit WBV 2022/22, dat sinds 27 september 2022 van kracht is.

De asielaanvraag van eiser, ingediend op 13 september 2021, valt onder dit besluit. De beslistermijn is daardoor verlengd tot uiterlijk 13 juni 2023. De ingebrekestelling werd echter al op 14 december 2022 ingediend, terwijl de beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor is de ingebrekestelling prematuur en voldoet het beroep niet aan de wettelijke voorwaarden.

De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en wijst erop dat tegen deze uitspraak binnen vier weken beroep kan worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens een prematuur ingediende ingebrekestelling.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL23.1423
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. B.A. Palm), en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat verweerder niet op tijd heeft beslist op zijn aanvraag van tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (hierna: aanvraag).

Overwegingen

1. De rechtbank heeft partijen laten weten dat zij een zitting niet nodig vindt en gevraagd of zij het daarmee eens zijn. Omdat partijen daarna niet om een zitting hebben gevraagd, heeft de rechtbank het onderzoek gesloten en de zaak niet behandeld op een zitting.1
2. Als een bestuursorgaan niet op tijd op een aanvraag beslist, dan kan de betrokkene daartegen in beroep gaan. Voordat hij beroep kan instellen, moet de betrokkene schriftelijk aan het bestuursorgaan laten weten dat binnen twee weken alsnog moet worden beslist op zijn aanvraag (de zogenoemde ingebrekestelling). Als er na twee weken nog steeds geen besluit is genomen, dan kan de betrokkene beroep instellen.2
3. Sinds 27 september 2022 is het besluit met kenmerk WBV 2022/22 van kracht.3 Dit besluit heeft tot gevolg dat de beslistermijnen van asielaanvragen die op 27 september 2022 nog niet waren verstreken met negen maanden zijn verlengd. Dit geldt ook voor asielaanvragen die zijn ingediend vóór 1 januari 2023. De asielaanvraag van eiser valt onder het toepassingsbereik van dit besluit. De rechtbank legt dat hieronder uit.
1. Op grond van artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2 Dit volgt uit artikel 6:2 en Pro 6:12 van de Awb.
3 Staatscourant van 26 september 2022, nr. 25755.
4. Eiser heeft zijn asielaanvraag ingediend op 13 september 2021. Op 11 november 2021 heeft verweerder eiser medegedeeld dat de beslistermijn is verlengd tot 14 maart 2023. Op 3 december 2021 heeft verweerder eiser echter een bericht gestuurd dat de brief van 11 november 2021 niet juist was en dat de beslistermijn is verlengd tot 13 december 2022. Daarmee valt de aanvraag onder het toepassingsbereik van de WBV 2022/22. De beslistermijn in zijn zaak is op grond van de WBV 2022/22 dus (nogmaals) met negen maanden verlengd. Dit betekent dat de beslistermijn zou eindigen op 13 september 2023
.Omdat de behandelduur van een asielaanvraag maximaal 21 maanden mag duren eindigt de beslistermijn in dit geval echter op 13 juni 2023
.De termijn om te beslissen op zijn aanvraag was daarom nog niet verstreken toen eiser de ingebrekestelling op 14 december 2022 indiende bij verweerder. De ingebrekestelling is daarmee prematuur. Dat maakt dat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het indienen van een beroep op grond van het niet tijdig beslissen door verweerder, als bedoeld in artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.
5. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.C. Verra, rechter, in aanwezigheid van O.G. Hulsman, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
18 april 2023

Documentcode: [documentcode]

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.