ECLI:NL:RBDHA:2023:15213
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van minderjarige in pleegzorg
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht om ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, geboren in 2021, die sinds januari 2023 met toestemming van de ouders in een pleeggezin verblijft. De Raad motiveerde dit verzoek met zorgen over de fysieke en mentale ontwikkeling van het kind en de onveranderde problematische thuissituatie. De moeder kampt met mentale klachten en staat op een wachtlijst voor traumabehandeling, terwijl de vader door werkverplichtingen niet adequaat voor het kind kan zorgen.
De kinderrechter constateerde dat de wettelijke criteria voor ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing waren vervuld. Er is een bedreiging voor de ontwikkeling van het kind in de thuissituatie, terwijl zij zich in het pleeggezin goed ontwikkelt. De ouders zijn onvoldoende in staat een passende opvoedomgeving te bieden. De kinderrechter vond het noodzakelijk dat een onafhankelijke jeugdbeschermer toezicht houdt op de ontwikkeling en het contact tussen het kind en de ouders.
De beschikking werd genomen voor de duur van één jaar, waarbij de kinderrechter het passend achtte dat het kind onzekerheid over haar toekomstperspectief ervaart gezien de omstandigheden. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het recht op hoger beroep werd toegekend.
Uitkomst: De kinderrechter stelt de minderjarige onder toezicht en verleent machtiging tot uithuisplaatsing in pleegzorg voor de duur van één jaar.