ECLI:NL:RBDHA:2023:15319
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediend beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
Eiser heeft op 11 juni 2022 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel ingediend bij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Na het uitblijven van een tijdige beslissing stelde eiser de staatssecretaris op 12 december 2022 in gebreke en diende op 29 december 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De staatssecretaris nam op 30 maart 2023 alsnog een besluit en wees het beroep aan de rechtbank toe. De rechtbank verzocht eiser te reageren op het genomen besluit, maar deze bleef in gebreke, waardoor het beroep gehandhaafd bleef.
De rechtbank oordeelt dat de wettelijke beslistermijn van zes maanden met negen maanden verlengd kon worden op grond van het WBV 2022/22 en de Vreemdelingenwet 2000. De ingebrekestelling was daarom prematuur en het beroep voldoet niet aan de vereisten van artikel 6:12 Awb Pro. Het beroep wordt derhalve niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur indienen.