ECLI:NL:RBDHA:2023:15420
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens Dublin-verantwoordelijkheid Duitsland
Verzoeker, van Algerijnse nationaliteit, heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat op grond van de Dublinverordening Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen dit besluit en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met de hoofdzaak behandeld op 9 oktober 2023, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet aanwezig waren.
De voorzieningenrechter overweegt dat nu de rechtbank bij uitspraak in de hoofdzaak (zaaknummer NL23.21788) heeft beslist, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek af. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door mr. D.M. Schuiling en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl op 12 oktober 2023. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.