ECLI:NL:RBDHA:2023:15490

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
13 oktober 2023
Publicatiedatum
13 oktober 2023
Zaaknummer
NL 23.28520
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 6:8 AwbArt. 6:9 AwbArt. 6:11 AwbArt. 69 Vreemdelingenwet 2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te late indiening in vreemdelingenzaak

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, waarbij zij bezwaar had gemaakt tegen een eerdere beslissing. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is. De wettelijke termijn voor het indienen van het beroepschrift is één week na bekendmaking van het besluit, die op 30 augustus 2023 plaatsvond. Hierdoor liep de termijn af op 6 september 2023.

Eiseres heeft het beroepschrift echter pas op 11 september 2023 digitaal ingediend, wat te laat is. Zij heeft geen verontschuldigbare redenen voor deze overschrijding aangevoerd. Op grond van de toepasselijke artikelen uit de Algemene wet bestuursrecht en de Vreemdelingenwet 2000 verklaart de rechtbank het beroep daarom niet-ontvankelijk.

De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter C.H. de Groot en griffier B. van der Wiel en is openbaar gemaakt. Eiseres wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van deze uitspraak.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verontschuldiging.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.28520

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiserer], eiseres

geboren op [geboortedatum].
van Turkse nationaliteit,
V-nummer: [vnummer]
(gemachtigde: mr. I. Mercanoglu),
en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

Procesverloop

Eiseres heeft tegen de beslissing op bezwaar van verweerder van 30 augustus 2023 (het bestreden besluit) beroep ingesteld.

Overwegingen

Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De rechtbank legt hierna uit waarom het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is.
Voor het indienen van een beroepschrift geldt op grond van artikel 69, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 een termijn van één week. Deze termijn begint op grond van artikel 6:8, eerste lid, van de Awb op de dag na de dag waarop het besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze is bekendgemaakt. Een beroepschrift is op grond van artikel 6:9, eerste lid, van de Awb tijdig ingediend wanneer het voor het einde van de termijn is ontvangen. Als iemand een beroepschrift te laat indient, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet tijdig indienen van het beroepschrift verontschuldigbaar is. Dan laat de rechtbank op grond van artikel 6:11 van Pro de Awb niet-ontvankelijkverklaring op grond van die te late indiening achterwege.
Vast staat dat verweerder het bestreden besluit bekend heeft gemaakt op 30 augustus 2023 door verzending per fax, zodat de termijn voor het indienen van een beroepschrift eindigde op 6 september 2023.
Eiseres heeft het beroepschrift op 11 september 2023 digitaal ingediend. Het beroepschrift is dus niet tijdig ingediend.
Eiseres heeft geen reden gegeven voor deze termijnoverschrijding. Er is dus geen verontschuldiging voor dit verzuim gebleken.
Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. C.H. de Groot, rechter, in aanwezigheid van B. van der Wiel, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.