ECLI:NL:RBDHA:2023:15682

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
18 oktober 2023
Publicatiedatum
18 oktober 2023
Zaaknummer
NL23.4257
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak ongewenstverklaring vreemdeling

In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een besluit genomen tot ongewenstverklaring van verzoeker, waarbij hij werd verzocht het land onmiddellijk te verlaten. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met de bodemzaak op 10 oktober 2023. Gezien de uitspraak in de bodemzaak (zaaknummer NL23.22949) achtte de rechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk. Tevens waren er geen andere omstandigheden die toewijzing van de voorlopige voorziening rechtvaardigden.

Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek af en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter N.M. van Waterschoot en griffier J.A. Hessels en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit tot ongewenstverklaring is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.4257

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], V-nummer: [nummer], verzoeker

(gemachtigde: mr. A.W.J. van der Meer),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatssecretaris

(gemachtigde: mr. Westendorp).

Procesverloop

Bij besluit van 17 juli 2023 (het bestreden besluit) is de staatssecretaris bij het besluit tot ongewenstverklaring van eiser gebleven en heeft de staatssecretaris hem verzocht onmiddellijk te vertrekken.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de bodemzaak NL23.22939, op 10 oktober 2023 op zitting behandeld. De gemachtigde van verzoeker is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.22949, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De rechter ziet ook geen andere omstandigheden om de voorlopige voorziening toe te wijzen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J.A. Hessels, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.