ECLI:NL:RBDHA:2023:15818
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Ketelaars - Mast
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid legde op 1 september 2023 aan eiser een maatregel van bewaring op op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank toetste de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel vanaf het moment van het sluiten van het vorige onderzoek op 15 september 2023. Eiser voerde aan dat onvoldoende voortvarend werd gehandeld en dat er geen zicht op uitzetting was, mede omdat hij stelde Algerijns te zijn en niet gedwongen uitgezet kon worden.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris voldoende voortvarend aan de uitzetting werkt, met onder meer rappelleren bij de Marokkaanse en Algerijnse autoriteiten en het voeren van vertrekgesprekken. Daarnaast is er zicht op uitzetting naar Marokko, mede gelet op een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Eiser heeft onvoldoende aangetoond dat hij Algerijns is. Het beroep is daarom ongegrond en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.