ECLI:NL:RBDHA:2023:15825
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens gebrek aan partijdigheid en misbruik van wrakingsmiddel
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de behandelend rechter in strafzaken tegen hem, stellende dat de rechter partijdig zou zijn vanwege het niet in ogenschouw nemen van zijn bewijsmateriaal en het niet laten uitspreken tijdens de zitting.
De wrakingskamer beoordeelde het verzoek en concludeerde dat noch uit de zittingsbeslissingen, noch uit de wijze waarop de rechter met het bewijsmateriaal omging, een schijn van partijdigheid kan worden afgeleid. De rechter had de regie over de zitting en bepaalde de orde en voortgang, waarbij verzoeker reeds ruimte was geboden.
Eerder was al een wrakingsverzoek van verzoeker ongegrond verklaard, wat leidde tot onredelijke vertraging. De kamer oordeelde dat verzoeker het wrakingsmiddel misbruikt om de procedure te frustreren en legde een verbod op voor verdere wrakingsverzoeken in deze zaak.
De wrakingskamer besloot het verzoek af te wijzen, de procedure voort te zetten en het wrakingsverbod op te leggen. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen en een volgend wrakingsverzoek in deze zaak wordt niet in behandeling genomen wegens misbruik.