Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker diende op 27 juli 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 29 december 2021. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris op 8 december 2022 alsnog de asielaanvraag ingewilligd. Hierdoor heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris geheel aan het beroep tegemoet is gekomen door alsnog te beslissen op de aanvraag. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechtbank in dat geval de proceskosten toewijzen aan de verzoeker.
De proceskosten worden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met een wegingsfactor 'licht' vanwege de beperkte aard van het beroep dat alleen betrekking had op het niet tijdig beslissen.
De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van dit bedrag aan verzoeker. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos en openbaar gemaakt op 18 oktober 2023.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten na intrekking van het beroep wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.