ECLI:NL:RBDHA:2023:15994

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
26 september 2023
Publicatiedatum
24 oktober 2023
Zaaknummer
C/09/653473 / JE RK 23-1817
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6.1.2 Jeugdwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging tot uithuisplaatsing in gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor meisje van 13 jaar

De zaak betreft een verzoek tot machtiging voor opname en verblijf van een 13-jarig meisje in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp, voortvloeiend uit ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen. Het meisje is meerdere malen weggelopen en heeft een kwetsbare achtergrond, waaronder een onveilige situatie met seksuele handelingen tegen haar wil.

De kinderrechter heeft kennisgenomen van diverse stukken, waaronder een instemmingsverklaring van een gedragswetenschapper en adviezen van betrokken hulpverleners. Hoewel het meisje positieve ontwikkelingen toont, zoals motivatie en het behalen van doelen, is de hulpverlening nog niet voldoende op gang gekomen door haar weglopen en ontbreekt een passende vervolgplek.

De gecertificeerde instelling en de PM’er adviseren een machtiging voor een kortere periode dan aanvankelijk verzocht. De moeder en het meisje zelf wensen terugkeer naar huis, maar de kinderrechter acht het noodzakelijk dat het verblijf in de gesloten accommodatie wordt voortgezet om verdere behandeling mogelijk te maken en terugval te voorkomen.

De kinderrechter besluit de machtiging toe te wijzen voor drie maanden, zodat het meisje de juiste ondersteuning kan ontvangen en er een duidelijk plan voor een passende vervolgstap kan worden opgesteld. Het verzoek tot een langere duur wordt afgewezen.

Uitkomst: Machtiging tot verblijf in gesloten jeugdhulpaccommodatie voor drie maanden toegekend.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaaksgegevens: C/09/653473 / JE RK 23-1817
Datum uitspraak: 26 september 2023

Beschikking van de kinderrechter

Nieuwe machtiging tot uithuisplaatsing in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp

in de zaak naar aanleiding van het op 7 september 2023 ingekomen verzoekschrift van:

William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering,

hierna te noemen: de gecertificeerde instelling,
betreffende:
- [naam01] ,geboren op [geboortedatum01] 2010 te [geboorteplaats01] ,
hierna te noemen: [naam01] ,
advocaat: mr. A.B. Baumgarten, gevestigd te ‘s-Gravenhage.
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam02] ,

hierna te noemen: de vader,
wonende te [woonplaats01] ,

[naam03] ,

hierna te noemen: de moeder,
wonende te [woonplaats02]

Het procesverloop

De kinderrechter heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift met bijlagen;
- de instemmingsverklaring van 8 september 2023 van een gedragswetenschapper als bedoeld in artikel 6.1.2, zesde lid, van de Jeugdwet, die de jeugdige met het oog daarop kort tevoren heeft onderzocht.
Op 26 september 2023 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren op locatie, te weten in de gesloten accommodatie voor jeugdhulp [naam04] te [plaats01] , behandeld. Daarbij zijn verschenen:
- [naam05] namens de gecertificeerde instelling;
- de moeder, bijgestaan door de ambulant begeleider [naam06] ;
- [naam07] , PM’er bij [naam04] ;
- [naam01] , bijgestaan door haar advocaat.
[naam01] is tevens in bijzijn van haar advocaat in raadkamer gehoord.

Feiten

- Het huwelijk van de vader en de moeder is door echtscheiding ontbonden.
- De vader en de moeder zijn gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag.
- [naam01] verblijft feitelijk in [naam04] .
- De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 28 maart 2023 [naam01] onder toezicht gesteld van 28 maart 2023 tot 28 maart 2024, alsmede de machtiging verleend [naam01] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp van 28 maart 2023 tot 28 september 2023.
De kinderrechter in deze rechtbank heeft de Raad voor Rechtsbijstand gelast een advocaat aan [naam01] toe te voegen.

Verzoek en verweer

Het verzoek strekt tot machtiging [naam01] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor de duur van de ondertoezichtstelling, te weten tot 28 maart 2024.
Aan het verzoek ligt het volgende ten grondslag. [naam01] is sinds 14 mei 2023 meerdere keren weggelopen. Zij kan slechts voor een korte periode laten zien dat zij zich aan afspraken kan houden. Daarnaast is [naam01] erg beïnvloedbaar. Zij is eerder in een onveilige situatie beland waarin zij tegen haar wil seksuele handelingen heeft verricht. [naam01] heeft aangegeven dat zij tijdens haar laatste vermissing onder invloed en seksueel actief is geweest. Janna zou een coach als vertrouwenspersoon krijgen. De geplande intake met haar coach kon geen doorgang vinden omdat zij op dat moment vermist was. Hierdoor staat zij weer onderaan de wachtlijst. De hulpverlening is door het vele weglopen nog niet van de grond gekomen. Vervolgens zijn het verlof en de vrijheden van [naam01] zodanig teruggebracht dat de kans op weglopen klein is. [naam01] is onlangs gestart met beeldende therapie. De gecertificeerde instelling brengt ter zitting naar voren dat [naam01] het goed doet op school en momenteel op de wachtlijst staat voor het Pleysier College. De gecertificeerde instelling heeft een periode van zes maanden nodig om toe te werken naar een passende vervolgplek. In eerste instantie was de gecertificeerde instelling van mening dat terugplaatsing bij de moeder een te grote stap zou zijn. Alvorens hiertoe over te gaan zou [naam01] eerst op een open plek worden geplaatst. Gelet op de positieve ontwikkelingen is de gecertificeerde instelling wel bereid om hierover in gesprek te gaan.
De PM’er heeft het volgende naar voren gebracht. De afgelopen periode heeft [naam01] een positieve ontwikkeling doorgemaakt. [naam01] houdt zich aan de afspraken en stelt zich gemotiveerd op. De beeldende therapie was niet passend voor [naam01] en daarom wordt nu ingezet op schrijftherapie. Daarnaast zal [naam01] op korte termijn starten met Girls Talk om weerbaarder te worden. Dit zal 1-op-1 aan [naam01] worden aangeboden. Het begeleide verlof van [naam01] is recentelijk opgestart en uitgebreid. De PM’er kan zich vinden in het advies van de gedragswetenschapper om – gelet op de huidige stand van zaken - de gesloten machtiging voor een kortere periode dan verzocht af te geven.
Namens en door [naam01] is verweer gevoerd tegen het verzochte. [naam01] wil graag weer bij de moeder wonen. De advocaat van [naam01] benadrukt dat [naam01] de afgelopen periode meerdere doelen heeft behaald. Zo heeft zij meer zelfrespect ontwikkeld en is zij weerbaarder geworden. De band tussen [naam01] en de moeder is daarnaast verbeterd. [naam01] heeft spijt van het weglopen. De afgelopen periode heeft zij zich positief ontwikkeld en stelt zij zich meewerkend op. [naam01] geeft aan dat zij behoefte heeft aan duidelijkheid over haar vervolgplek en eventuele behandeling die nog ingezet gaat worden. De advocaat van [naam01] benadrukt dat het hier om een meisje van dertien jaar gaat en dat de verzochte duur van zes maanden erg lang is. De advocaat van [naam01] verzoekt dan ook om de gesloten machtiging voor drie maanden af te geven. Dit komt de motivatie van [naam01] ten goede en in die periode kan gewerkt worden aan thuisplaatsing, al dan niet met behulp van een coach.
De moeder geeft aan dat [naam01] de aflopen periode positieve stappen heeft gezet. De moeder vindt het van belang dat er weer een coach bij [naam01] betrokken wordt als [naam01] weer bij haar komt wonen. De moeder is het niet eens met het plan om [naam01] na de gesloten plaatsing eerst op een open groep te plaatsen, alvorens over wordt gegaan tot terugplaatsing bij de moeder.
De vader heeft ingestemd met het verzochte. Hij geeft aan dat het beter gaat met [naam01] . Daarnaast gaat het ook goed bij de moeder thuis.

Beoordeling

De kinderrechter is, gelet op hetgeen uit het dossier en ter terechtzitting naar voren is gekomen, van oordeel dat sprake is van ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van [naam01] naar volwassenheid ernstig belemmeren en die maken dat de opneming en het verblijf in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp noodzakelijk zijn om te voorkomen dat [naam01] zich aan de jeugdhulp die zij nodig heeft onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken.
Daartoe overweegt de kinderrechter als volgt. Ondanks de positieve ontwikkeling zijn er nog steeds doelen te behalen en moet [naam01] de komende periode nog profiteren van de behandeling binnen het gesloten kader. De schrijftherapie is sinds kort van start gegaan. Op dit moment heeft [naam01] nog geen coach en wordt er nog onderzoek gedaan naar de geschikte vervolgstap voor [naam01] . Er is nog onvoldoende hulpverlening ingezet om de thuissituatie structureel te verbeteren. De kinderrechter zal de gesloten machtiging toewijzen voor de duur van drie maanden, zodat [naam01] de juiste ondersteuning krijgt om de behandelingen binnen het gesloten kader voort te zetten en er verder kan worden gezocht naar een passende vervolgstap. Daarnaast is het belangrijk dat [naam01] blijft oefenen met het opbouwen van vrijheden, zodat zij minder risico loopt om terug te vallen in oude patronen. De kinderrechter acht de duur van drie maanden passend, zodat [naam01] gemotiveerd blijft om mee te werken aan de hulpverlening. Het is – mede gelet op de jonge leeftijd van [naam01] – noodzakelijk dat er op korte termijn een duidelijk plan wordt gemaakt en dat er duidelijkheid komt over wat een passende vervolgstap is voor [naam01] .
Daarom zal als volgt worden beslist.

Beslissing

De kinderrechter:
verleent een machtiging [naam01] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp zoals bedoeld in artikel 6.1.2, eerste lid, van de Jeugdwet, van 28 september 2023 tot 28 december 2023;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 26 september 2023 door mr. R. van Zeijst-Repelaer van Driel, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. L.E. Smolders als griffier.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 11 oktober 2023.
Voor zover in deze beschikking eindbeslissingen staan, kan hoger beroep tegen deze beschikking worden ingesteld:
- door de verzoeker en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van
het gerechtshof Den Haag.