ECLI:NL:RBDHA:2023:16017
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing bewonersparkeervergunning na latere vergunningverlening
Eiser heeft op 17 mei 2022 een bewonersparkeervergunning aangevraagd, welke aanvankelijk werd afgewezen. Tegen deze afwijzing maakte eiser bezwaar, dat eveneens werd afgewezen. Hiertegen stelde eiser beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank overwoog dat eiser een garagebox bezit die als parkeerplaats op eigen terrein (POET) werd aangemerkt volgens de toen geldende definitie. Per 1 januari 2023 is de definitie van POET gewijzigd, waarna eiser alsnog een bewonersparkeervergunning verkreeg op 7 maart 2023. Hierdoor heeft eiser bereikt wat hij met het beroep wilde bewerkstelligen.
Omdat eiser niet heeft gesteld dat het bestreden besluit hem schade heeft berokkend en hij inmiddels de vergunning heeft verkregen, ontbreekt het aan procesbelang. De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenvergoeding af. De gewijzigde regeling en de latere vergunningverlening vormen geen tegemoetkoming die aanleiding geeft tot proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser inmiddels de vergunning heeft verkregen en geen procesbelang meer heeft.