Uitspraak
Voorziening in de voogdij in verband met overlijden gezagsdrager
de Raad voor de Kinderbescherming, Regio Haaglanden,
[naam01] ,
[naam02] ,
Procedure
Feiten
is erkend.
Rechtbank Den Haag
De moeder van de minderjarige overleed terwijl zij eenhoofdig gezag uitoefende. De moeder had in het gezagsregister laten opnemen dat haar ouders, de grootouders van het kind, na haar overlijden als voogden zouden optreden, maar zij hebben deze benoeming niet aanvaard.
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de rechtbank om het gezag over de minderjarige gezamenlijk toe te kennen aan de vader en de grootvader. De vader is altijd betrokken geweest bij het kind en heeft een ondersteunend netwerk, waaronder de grootouders van moederszijde.
De rechtbank oordeelt dat de wet niet expliciet voorziet in gezamenlijk gezag van een ouder met een derde, maar dat dit op grond van redelijke wetstoepassing wel mogelijk is. De vader en grootvader hebben zich bereid verklaard gezamenlijk het gezag uit te oefenen, en de Raad heeft geen bezwaren geuit.
De rechtbank acht het belang van het kind gediend met deze gezamenlijke gezagsuitoefening en wijst het verzoek toe. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad gegeven.
Uitkomst: Het gezag over de minderjarige wordt gezamenlijk toegekend aan de vader en de grootvader.