Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af..
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, is op 27 maart 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder heeft de bewaring op 21 september 2023 met maximaal twaalf maanden verlengd omdat eiser niet meewerkt aan zijn uitzetting en benodigde documenten uit Marokko ontbreken.
Eiser betwist de verlenging en stelt dat hij wel meewerkt aan zijn uitzetting en dat het zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn ontbreekt. Hij wijst op zijn goede gedrag in detentie en het uitblijven van een laissez-passer (lp) van de Marokkaanse autoriteiten.
De rechtbank oordeelt dat eiser niet meewerkt aan zijn uitzetting, omdat hij afspraken met de regievoerder en diplomatieke vertegenwoordiging niet is nagekomen en onvoldoende informatie heeft verstrekt. Tevens is het zicht op uitzetting naar Marokko binnen een redelijke termijn aanwezig, mede gelet op lopende aanvragen en contacten tussen Nederlandse en Marokkaanse autoriteiten.
De rechtbank acht de verlenging van de bewaring rechtmatig en wijst het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tegen dit vonnis staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlenging van de bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.