ECLI:NL:RBDHA:2023:16485
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen op grond van Dublinverordening
De rechtbank Den Haag beoordeelt de beroepen van Moldavische eisers tegen het besluit van de staatssecretaris om hun asielaanvragen niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Eisers stelden dat Nederland verantwoordelijk zou moeten zijn omdat zij na vertrek uit het Schengengebied via Frankrijk asiel hebben aangevraagd en dat zij in Duitsland gediscrimineerd worden als Roma, met risico op refoulement. Ook betoogden zij dat zij geen adequate klachtenmogelijkheden in Duitsland hebben.
De rechtbank oordeelt dat eisers hun uitreis uit het Schengengebied niet aannemelijk hebben gemaakt en dat Duitsland het terugnameverzoek heeft aanvaard. Er is geen bewijs dat het Duitse asielbeleid fundamenteel tekortschiet of dat er een reëel risico is op schending van artikel 3 EVRM Pro of artikel 4 EU Pro-Handvest. De klachtenmogelijkheden in Duitsland zijn voldoende en er rust geen nader onderzoeksplicht op de staatssecretaris.
De beroepen worden daarom ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvragen niet in behandeling te nemen blijft in stand.
Uitkomst: De beroepen tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvragen worden ongegrond verklaard en de besluiten blijven in stand.