Eiser vroeg in 2022 opnieuw een WIA-uitkering aan, nadat hij in 2010 al een afwijzing had gekregen omdat hij bij aanvang van zijn dienstverband in 2007 al arbeidsongeschikt was door dezelfde klachten. Het UWV handhaafde de afwijzing op grond van het overgangsrecht dat de uitsluitingsgrond uit 2010 nog steeds van toepassing verklaart.
Eiser stelde dat zijn klachten voortkwamen uit een alcoholverslaving en dat hij destijds succesvol was behandeld en langdurig abstinent was, waardoor de eerdere afwijzing onterecht was. Ook voerde hij aan dat er sprake was van toegenomen arbeidsongeschiktheid door het Syndroom van Wernicke-Korsakov, waardoor het recht op uitkering zou moeten herleven.
De rechtbank oordeelde dat het besluit uit 2010 formeel rechtsgeldig is en niet ter discussie kan staan omdat er destijds geen bezwaar is gemaakt. Het overgangsrecht maakt dat de uitsluitingsgrond nog steeds geldt. De toegenomen arbeidsongeschiktheid betreft een verergering van dezelfde klachten, waardoor op grond van de wet geen recht op uitkering kan ontstaan of herleven.
De rechtbank concludeerde dat het UWV terecht de WIA-uitkering heeft geweigerd en verklaarde het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter R.J. van Lochem op 2 november 2023.