ECLI:NL:RBDHA:2023:16542
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublin-Estland
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Estland verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling van de asielaanvraag. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 3 oktober 2023, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet verschenen waren. De rechtbank heeft gelijktijdig in de hoofdzaak uitspraak gedaan (zaaknummer NL23.29821), waardoor de voorlopige voorziening overbodig werd.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 11 oktober 2023 en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.