ECLI:NL:RBDHA:2023:16717

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
7 november 2023
Publicatiedatum
7 november 2023
Zaaknummer
NL23.32899
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen weigering verblijfsvergunning asiel

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af te wijzen als kennelijk ongegrond. Tevens is hem een inreisverbod van twee jaar opgelegd en moet hij Nederland onmiddellijk verlaten.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld. Gezien de uitspraak in een gerelateerde zaak (zaaknummer NL23.32898) is een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk. Daarom is het verzoek afgewezen.

Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. De uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot en is onherroepelijk, aangezien tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.32899

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , verzoeker

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. T. Bruinsma),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. A.A. Wildeboer).

Procesverloop

Bij besluit van 11 oktober 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen als kennelijk ongegrond. Daarbij heeft de staatssecretaris ook bepaald dat verzoeker niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier, hij geen uitstel van vertrek om medische redenen krijgt, dat hij Nederland onmiddellijk moet verlaten en is hem een inreisverbod opgelegd voor de duur van twee jaar.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Met toestemming van partijen is een nader onderzoek ter zitting achterwege gebleven. Het onderzoek is gesloten op 2 november 2023.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.32898, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.P. Kuiters, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.