ECLI:NL:RBDHA:2023:16753

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 november 2023
Publicatiedatum
8 november 2023
Zaaknummer
NL23.22059
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen wegens Dublinverantwoordelijkheid Duitsland

Verzoekers hebben tegen besluiten van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid beroep ingesteld omdat hun asielaanvragen niet in behandeling zijn genomen. De grond hiervoor was dat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvragen.

De voorzieningenrechter heeft zonder zitting uitspraak gedaan en verwijst naar eerdere uitspraken in gerelateerde zaken waarin de beroepen ongegrond zijn verklaard. Op basis daarvan worden de verzoeken om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en staat geen hoger beroep of verzet tegen open.

Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL23.22059, NL23.29207 en NL23.29205

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen

[naam 1], verzoeker 1

[naam 2], verzoekster
[naam 3], verzoeker 2
(Tezamen: verzoekers)
V-nummers: [nummer 1], [nummer 2] en [nummer 3]
(gemachtigde: mr. C.J. Ullersma),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

Procesverloop

Bij besluiten van 31 juli 2023 (verzoeker 1) en 13 september 2023 (verzoekster en verzoeker ) (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten afzonderlijk beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL23.22058, NL23.29206 en NL23.29204 heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen waarover deze verzoeken om een voorlopige voorziening gaan. De beroepen zijn ongegrond verklaard. De verzoeken worden om die reden als kennelijk ongegrond afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.F. Bethlehem, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.D.C.J. Verheezen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.