ECLI:NL:RBDHA:2023:16836
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens verantwoordelijkheid Kroatië
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk wordt gehouden voor de behandeling. Verzoeker vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht buiten zitting uitspraak gedaan. Omdat de rechtbank bij een andere zaak met een vergelijkbaar kenmerk reeds uitspraak heeft gedaan over het beroep, achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk.
Het verzoek om een voorlopige voorziening is daarom afgewezen. Tevens is bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de asielaanvraag.