ECLI:NL:RBDHA:2023:17100
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van gronden bij aanvraag verblijfsvergunning zelfstandige
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin zijn bezwaar tegen het niet in behandeling nemen van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als zelfstandige werd afgewezen.
De rechtbank constateerde dat het beroepschrift geen gronden bevatte waarop het beroep was gebaseerd, hetgeen een vereiste is volgens artikel 6:5 Awb Pro. De rechtbank heeft eiser bij aangetekende brief verzocht alsnog binnen vier weken gronden in te dienen, maar hierop is geen reactie ontvangen.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 6:6 Awb Pro, waardoor het beroep niet inhoudelijk is behandeld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van ingediende beroepsgronden.