ECLI:NL:RBDHA:2023:17149
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep omgevingsvergunning
Eiser had bezwaar gemaakt tegen een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Westland. Dit bezwaar werd ongegrond verklaard, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank Den Haag. Tijdens de zitting op 20 maart 2023 werd de zaak aangehouden om partijen de gelegenheid te geven een minnelijke oplossing te zoeken.
Eiser trok vervolgens het beroep in met het verzoek om proceskostenvergoeding. Verweerder stelde zich op het standpunt dat geen sprake was van tegemoetkoming aan het beroep, omdat de verleende omgevingsvergunning slechts een beperkte berging betrof en niet de illegale overkapping, erfafscheiding, verharding of uitbreiding van de berging legaliseerde.
De rechtbank oordeelde dat de verleende vergunning niet gelijkstaat aan tegemoetkomen aan het beroep in de zin van artikel 8:75a Awb, omdat de geconstateerde overtredingen niet zijn gelegaliseerd en de last onder dwangsom niet is ingetrokken. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het verzoek om vergoeding van proceskosten wordt afgewezen omdat geen sprake is van tegemoetkoming aan het beroep.