ECLI:NL:RBDHA:2023:1722
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen wegens Dublinverantwoordelijkheid Italië
Verzoekers, beiden van Syrische nationaliteit, hadden een verzoek ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvragen niet in behandeling genomen omdat Italië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen deze besluiten en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan.
Omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het beroep, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet meer nodig en wijst het verzoek af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is in het openbaar gedaan en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank inmiddels uitspraak heeft gedaan op het beroep.