Eiser, een Nigeriaanse man die zich beroept op zijn homoseksuele geaardheid en problemen in Nigeria, diende op 7 juli 2022 een asielaanvraag in. De staatssecretaris wees deze aanvraag op 23 februari 2023 af, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank Den Haag. De rechtbank behandelde het beroep op 17 augustus 2023, waarbij eiser en zijn gemachtigde afwezig waren.
De rechtbank beoordeelde het beroep aan de hand van de geloofwaardigheid van het asielrelaas. De staatssecretaris achtte de verklaring over de homoseksuele geaardheid geloofwaardig, maar vond de verklaringen over de schuld aan en de vrees voor de mensensmokkelaar niet aannemelijk. De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris voldoende rekening had gehouden met het referentiekader van eiser en dat de motivering omtrent de summiere verklaringen toereikend was.
Verder oordeelde de rechtbank dat de staatssecretaris terecht niet alle correcties en aanvullingen van eiser hoefde te betrekken, aangezien eiser niet had geconcretiseerd welke onvoldoende waren meegenomen. De vrees voor represailles van de mensensmokkelaar werd onvoldoende onderbouwd, ondanks verwijzing naar het Algemeen Ambtsbericht Nigeria 2023.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de proceskostenveroordeling af. Eiser kan binnen vier weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.