ECLI:NL:RBDHA:2023:17289
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van beroepsgronden bij aanvraag verblijfsvergunning zelfstandige
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin het bezwaar tegen het niet in behandeling nemen van zijn aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd werd afgewezen als niet-ontvankelijk.
De rechtbank heeft het beroepschrift beoordeeld en vastgesteld dat het geen gronden bevatte waarop het beroep steunde. Op grond van artikel 6:5 Awb Pro moet een beroepschrift de gronden van het beroep bevatten. De rechtbank heeft eiser bij aangetekende brief verzocht alsnog gronden in te dienen, maar hierop is geen reactie ontvangen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk, wat betekent dat het beroep niet inhoudelijk wordt behandeld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag en openbaar gemaakt op 7 november 2023.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden.