ECLI:NL:RBDHA:2023:17311
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening beëindiging tijdelijke bescherming
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 31 augustus 2023 waarbij zijn recht op tijdelijke bescherming, gebaseerd op Richtlijn 2001/55/EG en Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382, werd beëindigd per 4 september 2023. Hij verzocht tevens om een voorlopige voorziening om uitvoering van het besluit te voorkomen totdat het beroep inhoudelijk is beoordeeld.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 9 november 2023, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet verschenen. Verweerder werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde. De rechtbank heeft het hoofdberoep ongegrond verklaard en vastgesteld dat verzoeker niet zal worden uitgezet zolang hoger beroep loopt.
Gezien deze omstandigheden achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wees het verzoek af. Ook werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het beëindigen van het recht op tijdelijke bescherming wordt afgewezen.