ECLI:NL:RBDHA:2023:17413
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking beroep asielaanvraag
Verzoeker diende op 14 februari 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 27 mei 2022. De staatssecretaris nam op 29 maart 2023 een inwilligend besluit, waarna verzoeker op 12 april 2023 het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank oordeelde dat de beslistermijn van zes maanden rechtsgeldig was verlengd met negen maanden door het WBV 2022/22, waardoor de termijn eindigde op 27 augustus 2023. De ingebrekestelling van 26 januari 2023 was daardoor prematuur en het beroep niet ontvankelijk.
Omdat het beroep niet ontvankelijk was, was er geen sprake van geheel of gedeeltelijk tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a Awb, en kon proceskostenvergoeding niet worden toegewezen. Het verzoek werd dan ook als kennelijk ongegrond afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot proceskostenveroordeling wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van het beroep.