ECLI:NL:RBDHA:2023:17421
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken lopende bezwaarprocedure
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen een brief van 19 juli 2023 waarin verweerder maandelijks een bedrag inhoudt op het pensioen van verzoeker op grond van de Algemene ouderdomswet. De voorzieningenrechter heeft het verzoek zonder zitting behandeld en geoordeeld dat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is.
De reden hiervoor is dat een verzoek om voorlopige voorziening alleen kan worden gedaan als er een lopende bezwaar- of beroepsprocedure is tegen het besluit waartegen het verzoek is gericht. In dit geval was er geen bezwaarprocedure tegen de brief van 19 juli 2023. Wel was er een bezwaarprocedure tegen een besluit van 3 augustus 2023, maar deze was op 11 september 2023 reeds afgedaan. Hierdoor kon het verzoek niet worden gericht tegen het besluit van 3 augustus 2023.
De voorzieningenrechter heeft daarom het verzoek niet inhoudelijk beoordeeld en geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan op 3 november 2023 en is bindend voor de rechtbank in een eventueel bodemgeding. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een lopende bezwaar- of beroepsprocedure.