ECLI:NL:RBDHA:2023:17452
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling
Eiser, een Marokkaanse vreemdeling, is sinds 31 augustus 2023 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek zonder zitting gesloten op 2 november 2023.
De rechtbank overweegt dat eerdere uitspraken van 22 september 2023 en 30 oktober 2023 het voortduren van de maatregel tot 24 oktober 2023 als rechtmatig hebben beoordeeld. Het geschil richt zich daarom op de rechtmatigheid van de maatregel sinds die datum. Eiser voert summiere beroepsgronden aan, waaronder het ontbreken van voortvarendheid in de uitzettingsprocedure en gebrek aan zicht op uitzetting naar Marokko binnen een redelijke termijn.
De rechtbank stelt vast dat eiser niet heeft toegelicht waarom eerdere oordelen onjuist zouden zijn en dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn die een ander oordeel rechtvaardigen. De rechtbank verwijst naar haar eerdere uitspraak waarin is vastgesteld dat er wel degelijk zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn. De ambtshalve toetsing leidt eveneens niet tot een ander oordeel.
Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.