ECLI:NL:RBDHA:2023:17459

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
9 november 2023
Publicatiedatum
15 november 2023
Zaaknummer
NL23.27590
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens Dublin-verantwoordelijkheid Duitsland

Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk wordt gehouden voor de behandeling van de aanvraag op grond van het Dublin-verdrag. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting en verwijst naar een eerdere uitspraak (zaaknummer NL23.27589) waarin het onderliggende beroep ongegrond werd verklaard. Op basis hiervan wordt het verzoek om voorlopige voorziening eveneens afgewezen.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter en is onherroepelijk, omdat tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de asielaanvraag niet in behandeling wordt genomen wegens de Dublin-verantwoordelijkheid van Duitsland.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.27590

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], verzoeker

V-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. W.A. Berghuis),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

Procesverloop

Bij besluit van 4 september 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.27589, heeft de rechtbank het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft ongegrond verklaard. Om die reden zal het verzoek als ongegrond worden afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.F. Bethlehem, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.D.C.J. Verheezen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.