ECLI:NL:RBDHA:2023:17568
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit dwangsombedrag bij aanwijzing betaald parkeren Moerwijk-Noord
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen het aanwijzingsbesluit betaald parkeren en het gebruik van wielklemmen in de wijk Moerwijk-Noord, genomen door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. Verweerder voerde aan dat de invoering van betaald parkeren een discretionaire bevoegdheid is en dat de belangen van bewoners zorgvuldig waren afgewogen, ondanks dat het quorum van 35% voor de enquête niet werd gehaald.
Eiser voerde aan dat de enquête fraudegevoelig was, het quorum niet gehaald werd, de enquête in de vakantieperiode plaatsvond en dat de dwangsom onjuist was berekend. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende draagvlak had onderzocht en dat het niet behalen van het quorum niet betekent dat het besluit onzorgvuldig is. Ook was er geen bewijs van fraude bij de enquête of het advies van de commissie.
De rechtbank stelde vast dat verweerder het dwangsombedrag pas na het instellen van het beroep had aangepast in een aanvullend besluit, waardoor het bestreden besluit over het dwangsombedrag vernietigd werd. De overige rechtsgevolgen van het aanwijzingsbesluit blijven echter van kracht. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het besluit over het dwangsombedrag wordt vernietigd, overige rechtsgevolgen van het aanwijzingsbesluit blijven van kracht.