ECLI:NL:RBDHA:2023:17678
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tijdelijke bescherming na beëindiging recht
Verzoeker, van Nigeriaanse nationaliteit, kreeg op 18 augustus 2023 bericht dat zijn recht op tijdelijke bescherming eindigt per 4 september 2023, gebaseerd op Richtlijn 2001/55/EG en Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382. Hiertegen stelde hij beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om uitvoering van het besluit te stoppen.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 14 november 2023 te Groningen, waar verzoeker en zijn gemachtigde verschenen. De rechtbank oordeelde dat het beroep ongegrond is en dat verzoeker inmiddels een asielaanvraag heeft ingediend, waardoor hij in Nederland mag blijven totdat die is afgehandeld.
Gezien deze omstandigheden is een voorlopige voorziening niet langer nodig en wordt het verzoek afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep ongegrond is verklaard en verzoeker een asielprocedure mag afwachten.