ECLI:NL:RBDHA:2023:17684
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toekenning tijdelijk gemeentelijk briefadres
Verzoeker heeft op 13 juni 2023 een verzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van Den Haag om een tijdelijk gemeentelijk briefadres toe te kennen. Dit verzoek werd op 19 september 2023 buiten behandeling gesteld omdat verzoeker zijn verblijfadres(sen) niet had vermeld, waardoor de aanvraag onvolledig was. Verweerder stelt dat inschrijving op een briefadres alleen mogelijk is indien iemand daadwerkelijk geen woonadres heeft.
Verzoeker maakte bezwaar tegen deze buitenbehandelingstelling en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening, met het argument dat hij een briefadres nodig heeft voor correspondentie met instanties, vooral vanwege zijn financiële situatie. Sinds de verkoop van zijn woning op 13 juli 2023 verblijft verzoeker op verschillende adressen waar hij zich niet kan inschrijven vanwege de weigering van bewoners.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het feitelijk ontbreken van een woonadres noodzakelijk is voor toekenning van een briefadres en dat een belangenafweging hierbij niet aan de orde is. Omdat verzoeker niet als feitelijk dakloos wordt beschouwd en geen woonadres heeft opgegeven, heeft zijn bezwaar geen redelijke kans van slagen. Het verzoek om een tijdelijk briefadres wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een tijdelijk gemeentelijk briefadres wordt afgewezen omdat verzoeker niet als feitelijk dakloos wordt beschouwd.