ECLI:NL:RBDHA:2023:1774

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
17 februari 2023
Publicatiedatum
17 februari 2023
Zaaknummer
AWB 21/7394
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening in zaak tegen COA over vreemdelingenbesluit

Verzoeker, een persoon van Nigeriaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) van 25 november 2021. Tegelijkertijd verzocht hij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen.

De rechtbank Den Haag heeft bij uitspraak op het hoofdberoep (zaaknummer AWB 21/7393) het beroep ongegrond verklaard. Hierdoor is de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.

De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het hoofdberoep ongegrond is verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 21/7394

uitspraak van de voorzieningenrechter van 17 februari 2023 in de zaak tussen

[naam], verzoeker,
geboren op 25 november 1962,
van Nigeriaanse nationaliteit,
V-nummer: [nummer] ,
(gemachtigde: mr. N.B. Swart),
en

het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa), verweerder.

Procesverloop

Bij beroepschrift van 20 december 2021 heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank tegen het besluit van verweerder van 25 november 2021. Dit beroep is geregistreerd onder zaaknummer AWB 21/7393.
Bij verzoekschrift van 20 december 2021 heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Bij uitspraak van heden is het connexe beroep ongegrond verklaard.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer AWB 21/7393, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. T.A. Oudenaarden, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.P. Kuiters, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
griffier voorzieningenrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.