Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Poolse nationaliteit dragende vreemdeling, werd op 2 oktober 2023 door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel werd gemotiveerd met het risico dat eiser zich aan het toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou belemmeren.
Eiser betwistte de zware grond onder 3c en de lichte grond onder 4d niet, welke betrekking hebben op het niet tijdig verlaten van Nederland na een uitreisbesluit en het ontbreken van voldoende middelen van bestaan. De rechtbank oordeelde dat deze gronden feitelijk juist en voldoende gemotiveerd zijn en dat zij de maatregel van bewaring rechtvaardigen.
Eiser stelde dat een lichter middel, zoals een meldplicht, passend was omdat hij in afwachting was van zijn paspoort en bekend was bij de politie. De rechtbank verwierp dit, stellende dat verweerder voldoende had gemotiveerd waarom een lichter middel niet volstond, mede omdat eiser zich niet had gemeld bij de autoriteiten.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel van bewaring niet onrechtmatig was en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens wees zij het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.