ECLI:NL:RBDHA:2023:17886
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep wegens mvv-aanvraag
Verzoeker heeft op 20 april 2023 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn mvv-aanvraag van 27 september 2022. Vervolgens heeft verweerder bij besluit van 19 juni 2023 alsnog de aanvraag ingewilligd. Hierna heeft verzoeker het beroep ingetrokken en een vergoeding van proceskosten gevorderd.
De rechtbank heeft verweerder in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek om proceskostenvergoeding, maar er is geen reactie ontvangen. Op grond van artikel 8:54, eerste lid, Awb heeft de rechtbank zonder zitting uitspraak gedaan.
De rechtbank oordeelt dat verweerder aan verzoeker tegemoet is gekomen door alsnog een besluit te nemen tijdens het beroep, waardoor het verzoek om proceskostenvergoeding gegrond is. De proceskosten worden vastgesteld op € 418,50, gebaseerd op de wegingsfactor 'licht' voor het indienen van het beroepschrift.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van deze proceskosten aan verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van € 418,50 aan proceskosten aan verzoeker.