De rechtbank Den Haag heeft op 7 november 2023 uitspraak gedaan over het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen, geboren in 2012 en 2018. De gecertificeerde instelling verzocht om verlenging vanwege ernstige ontwikkelingsbedreigingen en een bovengemiddelde opvoedvraag die de ouders onvoldoende kunnen invullen.
De vader erkent de diagnoses van de kinderen niet en vertoont een negatieve houding ten opzichte van de moeder, wat leidt tot een loyaliteitsconflict bij een van de kinderen. De moeder is onregelmatig in het contact en kan niet aan de opvoedbehoeften voldoen. De vader heeft het contact met de gecertificeerde instelling verbroken, waardoor passende hulpverlening niet kan worden ingezet.
De rechtbank oordeelt dat de wettelijke criteria voor verlenging van de ondertoezichtstelling zijn vervuld. Zowel de ondertoezichtstelling als de machtiging tot uithuisplaatsing worden met een jaar verlengd. Terugplaatsing bij de ouders is op dit moment niet mogelijk. De rechtbank benadrukt het belang van vaste omgangsmomenten en samenwerking met hulpverlening voor het welzijn van de kinderen.
De vader heeft verweer gevoerd en wil de kinderen graag bij zich laten wonen, maar de rechtbank acht dit op dit moment niet in het belang van de kinderen. De moeder stemt in met de verlenging. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en er is mogelijkheid tot hoger beroep.