ECLI:NL:RBDHA:2023:17963

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
22 november 2023
Publicatiedatum
22 november 2023
Zaaknummer
NL23.24684
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Richtlijn 2001/55/EGUitvoeringsbesluit (EU) 2022/382
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening beëindiging tijdelijke bescherming

Verzoeker, van Iraanse nationaliteit, had beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin zijn recht op tijdelijke bescherming werd beëindigd per 4 september 2023. Tegelijkertijd verzocht hij om een voorlopige voorziening om het besluit tijdelijk te schorsen.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 7 november 2023 samen met het hoofdberoep. Op de zitting waren de gemachtigden van beide partijen aanwezig. De rechtbank heeft in een aparte uitspraak op het hoofdberoep geoordeeld, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.

Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is op 22 november 2023 gepubliceerd en staat niet open voor hoger beroep of verzet.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de beëindiging van tijdelijke bescherming is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.24684

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , verzoeker,

van Iraanse nationaliteit,
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. H.J.M. Nijholt),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. V.R. Bloemberg).

Procesverloop

1. Bij besluit van 17 augustus 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan verzoeker medegedeeld dat zijn recht op tijdelijke bescherming, als bedoeld in Richtlijn 2001/55/EG (de Richtlijn) en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 (het Uitvoeringsbesluit), eindigt op 4 september 2023.
1.1.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
1.2.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 7 november 2023 op zitting behandeld samen met het beroep (NL23.24683). Aan de zitting hebben deelgenomen: de gemachtigde van verzoeker en de gemachtigde van de staatssecretaris.

Overwegingen

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.24683, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2.1.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.W. Wassink, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. de Boer, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.