ECLI:NL:RBDHA:2023:18013
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening beëindiging tijdelijke bescherming
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin haar recht op tijdelijke bescherming, gebaseerd op Richtlijn 2001/55/EG en Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382, wordt beëindigd per 4 september 2023.
Tegelijk met het beroep heeft verzoekster een voorlopige voorziening gevraagd om de beëindiging van de tijdelijke bescherming op te schorten. De rechtbank heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld op 10 november 2023, samen met het beroep.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu het beroep is behandeld en uitspraak is gedaan, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit tot beëindiging van tijdelijke bescherming is afgewezen.