ECLI:NL:RBDHA:2023:18212
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring aanvraag vergunning Waterwet voor laagvervalturbines
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor het plaatsen van zes laagvervalturbines bij de Flakkeese spuisluis in de Grevelingendam ten behoeve van een getijdencentrale. Verweerder heeft deze aanvraag niet-ontvankelijk verklaard met het argument dat eiser niet als belanghebbende kan worden aangemerkt, omdat het project niet kan worden verwezenlijkt.
De rechtbank overweegt dat de hoofdregel is dat een aanvrager van een vergunning als belanghebbende wordt beschouwd, tenzij aannemelijk is dat het project niet kan worden gerealiseerd. Verweerder heeft aangevoerd dat de spuisluis niet beschikbaar is vanwege lopende testen en civieltechnische beperkingen, en dat privaatrechtelijke toestemming van de Staat ontbreekt.
De rechtbank oordeelt dat deze argumenten onvoldoende zijn om aan te nemen dat het project niet kan worden verwezenlijkt. De aangevoerde belemmeringen betreffen inhoudelijke beoordeling en onzekerheden, geen feitelijke privaatrechtelijke blokkades. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat privaatrechtelijke toestemming definitief zal worden geweigerd.
Daarom is eiser wel belanghebbende en is de aanvraag ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op een inhoudelijk besluit te nemen. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkheid wordt vernietigd; verweerder moet een inhoudelijk besluit nemen.