ECLI:NL:RBDHA:2023:18253
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tijdelijke bescherming na beëindiging recht
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin het recht op tijdelijke bescherming, gebaseerd op Richtlijn 2001/55/EG en Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382, wordt beëindigd per 4 september 2023.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening op 23 november 2023 behandeld, waarbij verzoeker niet is verschenen. De staatssecretaris werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
De rechtbank heeft het hoofdberoep ongegrond verklaard en ziet geen gronden voor het treffen van een voorlopige voorziening. Het verzoek wordt daarom afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de beëindiging van het recht op tijdelijke bescherming wordt afgewezen.