ECLI:NL:RBDHA:2023:18347
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel
Verzoekster, een Braziliaanse staatsburger geboren in 1977, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvraag werd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 27 september 2023 afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten en sloot het onderzoek. Op 21 november 2023 deed de rechtbank uitspraak in de hoofdzaak (zaaknummer NL30981), waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Tevens werd geoordeeld dat er geen aanleiding was voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door mr. S.E. van de Merbel en is onherroepelijk, omdat tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.